De lust-ik-niet fase

Best een kans dat je ermee te maken krijgt als je kind rond de 2 jaar is: de beruchte lust-ik-niet-fase. Wanhoop niet, het gaat weer voorbij. De trucs op deze pagina helpen om je kind weer met plezier aan het eten te krijgen.

Combineer en maak iets op een andere manier klaar
Iets wat je kind niet lekker vindt, gaat er makkelijker in als je het combineert met iets dat hij wel lekker vindt. Soms werkt het ook om iets op een andere manier klaar te maken. Wil de broccoli er zo niet in? Dan misschien wel door de pastasaus of met een frisse yoghurt dip erbij. Gekookte wortel het vieste wat er is? Probeer het eens geraspt met een paar rozijnen of door de stamppot. Zoek ter inspiratie onze recepten door op het gevreesde ingrediënt. Eten ‘maskeren’ met bijvoorbeeld appelmoes kun je beter niet doen. Zo proeft hij niet meer de pure smaak van het eten.

Kleed het eten leuk aan
Kleed het eten leuk aan als het er niet in wil. Een leuke lepel, een liedje, een mooi bord, eten in een leuke vorm of maak bijvoorbeeld een gezicht van zijn avondeten: wees creatief.

Proef!
Proeven hoort erbij, ook al is het maar een beetje. Een hap is al genoeg. Het is een kwestie van oefenen, net als leren lopen of fietsen.

Laat je kind helpen in de keuken
Kinderen vinden het bijna altijd leuk om te helpen met koken. Ze leren dan veel en als je het samen gemaakt hebt, gaan ze het ook gemakkelijker proeven. Is jouw kind er al aan toe om te helpen? Bedenk simpele klusjes, zoals groente wassen, een ei pellen of salade mengen. En wil je kind tijdens het koken alvast wat snoepen van de paprika, wortel of tomaat? Dan heeft hij dat vast binnen! Laat hem voordat je samen gaat koken ook eens kiezen welke groente hij wil eten.

Houd de sfeer ontspannen
Wil je kind iets niet eten en laat hij dit duidelijk merken? Zorg dat het bord zo staat dat je kind er net bij kan. En besteed er verder geen aandacht aan. Eet zelf rustig verder en houd de sfeer ontspannen. Je zult zien dat als je even geen aandacht aan het gedrag van je kind besteedt, hij ineens zelf zijn bord weer pakt. En zo niet? Bied dan af en toe een hapje aan. En prijs je kind als hij dat hapje neemt. Zo maak je van samen eten weer een sociaal, gezellig moment.

Spreek af: eetmoment=eetmoment
Eten doe je aan tafel, ook al is het iets kleins zoals een stuk fruit. Wanneer je van tafel gaat, dan is het eetmoment voorbij. Heeft je kindje niks of weinig gegeten? Prima. Ruim de tafel gewoon af. Geef niet iets extra’s tussendoor, want dan heeft hij geen trek meer bij het volgende eetmoment. Een fles melk ’s nachts kun je beter ook niet doen. Je houdt het slechte eten

Geef zelf het goede voorbeeld
Je kind vindt niks leuker dan jou nadoen. Laat daarom zien dat jij gezond eet en drinkt en daarvan geniet. Een hap groente, een stuk vis, een aardappel: eet het met smaak op en vertel je kind hoe het smaakt. Laat ook zien dat je moeite hebt gedaan om het eten klaar te maken.

Schep kleine porties op
Als je kleine porties geeft, hoeft je kind hoeft niet tegen een berg eten op te kijken. En nog eens opscheppen kan altijd.tijdens de maaltijd in stand als je kind erop rekent dat hij iets anders krijgt.

Wees duidelijk
Een kind kan iets niet willen eten terwijl hij het best lust. Soms zal het wortel er dus prima ingaan en de andere dag wil hij het niet. Of hij wil ineens geen stamppot of pasta meer en gooit het liefst zijn hele bord door de kamer. Dat kan best frustrerend zijn als ouder. Iets anders aanbieden omdat je moe bent van het gedrag van je kind of omdat je bang dat je kind te weinig binnenkrijgt, is begrijpelijk. Maar door je kind (later) een boterham of cracker te geven, houd je het slechte eten tijdens de maaltijd in stand. Op de lange termijn hebben jij én je kind er meer baat bij als je voet bij stuk houdt en je dus niets anders aanbiedt aan je kind. Zo geef je je kind duidelijkheid.
Niet toegeven aan je kind, kan betekenen dat je kind weleens met trek naar bed gaat of een paar dagen weinig eet. Dat kan geen kwaad, want een gezond kind hongert zichzelf niet uit. Hij gaat vanzelf wel eten. En morgen is er weer een dag.

Nieuwe smaak? Je kind leert proeven
Soms zal je kind wel 10 tot 15 keer moeten proeven voordat hij aan een smaak gewend is. Dat hoeft trouwens niet te betekenen dat hij alles superlekker gaat vinden. Kinderen ontwikkelen namelijk ook persoonlijke smaakvoorkeuren. Waarom je beter niet kunt dwingen? Je kind dwingen om iets op te eten werkt niet. Het kan zijn dat hij al vol zit, maar dit niet goed kan aangeven. Dan geef je hem dus eigenlijk te veel. Door je kind dwingen te eten, kan het ook zijn dat hij niet goed meer voelt wanneer hij vol zit: je verstoort als het ware zijn ‘verzadigingsgevoel’. Als je kind maar 1 hapje proeft en het blijft daarbij: prima. Straf je kind ook niet als hij iets niet wil eten. Volgende keer beter.

Blijft je kind een moeilijke eter? Maak dan een plan.
Houd een tijdje bij wat je kind eet, hoeveel en hoe de maaltijden verliepen. Deze manier helpt om naar de situatie te kijken en een op maat gemaakt plan van aanpak te bedenken. Schrijf op hoe laat jullie aten, waar jullie zaten, wie zich met je kind bemoeide en welke maaltijden relatief goed verliepen. Op deze manier kun je ontdekken wanneer het beter gaat. Misschien ging het goed toen jullie eerder aten dan normaal. Of toen je een keer alleen was met je kind en je niet samen met je partner ‘bovenop’ jullie moeizaam etende kind zaten. Dan kun je bijvoorbeeld concluderen dat het beter gaat als één van jullie zich met hem bezig houdt.

Als je hulp nodig hebt, dan kun je met je vragen bij het consultatiebureau terecht. Mocht dit niet helpen, dan kan je huisarts je misschien doorverwijzen naar een diëtist, een gedragsdeskundige of kinderpsycholoog.

Succes allemaal!

Bron: Voedingscentrum
By |1 oktober 2018|Categories: Algemeen, Gastouders, Kinderopvang|Reacties uitgeschakeld voor De lust-ik-niet fase